Voorleestips voor ouders

Voorlezen aan baby's en peuters

Voorleestips

Voorlezen aan uw kind kan eigenlijk altijd, maar toch zijn bepaalde momenten handiger dan andere momenten. Ook is de manier van het voorlezen bij verschillende leeftijden anders. Zo is een peuter al meer geïnteresseerd in het verhaal van een boek, dan een baby. Hieronder volgen tips om meer uit het voorlezen bij uw baby, dreumes of peuter te halen.

Baby voorleestips/

  • Tip 1: zoek een rustige plek
  • Tip 2: lees voor op vaste momenten, bijvoorbeeld voor het slapen gaan. Zo ontstaat er een routine waar uw baby gewend aan raakt
  • Tip 3: lees voor als u een moment van rust wilt inlassen of als uw kind wat extra aandacht wilt en zich verveelt in de box
  • Tip 4: zorg ervoor dat u steeds oogcontact met uw baby kunt maken
  • Tip 5: laat een afbeelding in het boekje goed zien. Houd het boekje zo stil mogelijk. Geef uw baby dan even rust voordat u weer een nieuwe afbeelding laat zien
  • Tip 6: gebruik uw stem bij het laten zien van de afbeelding. Benoem wat u ziet, zing een bijpassend liedje of maak bijpassende geluidjes
  • Tip 7: laat uw baby knisper en voelboekjes zelf ontdekken. Laat af en toe iets duidelijker zien
  • Tip 8: speel in op de verwondering van uw baby. Laat het opnieuw zien of ontdekken. Ben zelf ook enthousiast

Dreumes en peuter voorleestips

  • Tip 1: begin iedere voorleessessie steeds op dezelfde manier, bijvoorbeeld: ‘zullen we samen een boekje lezen’? Op die manier krijgt uw kind meer begrip voor wat lezen inhoudt. Ook zorgt het voor voorspelbaarheid, wat vaak erg prettig is voor een kind
  • Tip 2: zorg eventueel voor een knuffel (bijvoorbeeld een boekenwurm) die steeds meedoet tijdens het lezen
  • Tip 3: zorg voor een of meerdere vaste momenten op de dag, bijvoorbeeld voor het slapen gaan of ’s middags samen op de bank
  • Tip 4: lees het verhaaltje herhaaldelijk voor. Het is niet nodig om telkens een nieuw boek voor te lezen. Het herhaaldelijk voorlezen zorgt ervoor dat uw kind houvast en herkenning ervaart. Daarnaast stimuleert het de taalontwikkeling, omdat het nieuwe woorden dan een aantal keer gehoord heeft. Door het vaker te horen, worden de woorden ook opgeslagen
  • Tip 5: zorg voor een rustig tempo met pauzes waardoor uw kind ook de ruimte krijgt om te reageren op wat u voorleest. Reageer op wat uw kind zegt, waardoor er interactie over het verhaal ontstaat
  • Tip 6: stel af en toe eens een eenvoudige vraag aan uw kind bijvoorbeeld: ‘zie jij krokodil?’, ‘wat zegt een hond (‘woef’)?’
  • Tip 7: uw kind kan ook het verhaaltje (na herhaaldelijk lezen)zelf proberen te vertellen als het de plaatjes ziet